Home reizen Regen

Regen

written by michel June 23, 2010

Als het regent, regent het hard. Men leeft in Noord-Kenya, net als in veel andere delen van Afrika, met het ritme van het vallende water. Het regenseizoen is net voorbij en is een belangrijke factor in onze eerste dagen in Kenya. We zijn op weg van Moyale, op de grens met Ethiopië, naar Isiolo. Het landschap is betoverend stil, de woestijn reikt tot aan de horizon en de leegte wordt slechts onderbroken door dit zandpad.

Zelfs op haar beste momenten is dit nauwelijks een weg te noemen, en nu is niet het beste moment. Eindeloze stroompjes water zoeken zich in een regelmatig patroon een weg door de woestijn, van links naar rechts over de weg. Het creëert een bijzonder verschijnsel: de washboard-road. Met de regelmaat van een wasbord ontstaat een patroon dat we overal onderweg waar zand de route vormt, tegenkomen.

De enige juiste manier om over de washboards heen te rijden is met – afhankelijk van de diepte en de afstand van de geulen – exact de juiste snelheid. Harder rijden dan voor je gevoel verstandig is betekent dat de auto niet elke hobbel afzonderlijk meemaakt en gaat stuiteren, maar dat de volle 3000 kilo over de toppen van zand “vliegt” . Bij een goede, regelmatige wasbordweg is het bij de perfecte snelheid ineens net alsof je over vlak asfalt rijdt, soepel en stil.

Op de vijfhonderd kilometer die we moeten afleggen (slechts onderbroken door één stadje, Marsabit) doet de regen echter meer. Grote en kleine stenen verschijnen als puisten overal op de weg, wanneer fijn zand onder het gewicht van het vallende water wegzakt. Op onmogelijk te voorspellen plaatsen slaat de regen daarnaast enorme gaten in de weg – gaten die uit het niets plots voor de auto verschijnen, en alleen met veel geluk nog te ontwijken zijn. De perfecte snelheid is ineens moordend. De diepte van een gat is onmogelijk in te schatten, en zeventig kilometer per uur kan de voorkant van de auto in één klap in een stuk verwrongen metaal veranderen.

Er zit maar één ding op: balanceren op de smalle lijn tussen stapvoets en te hard, telkens de snelheid doseren, inschatten, gokken en vertrouwen op de degelijkheid van metaal en rubber als het toch even te hard gaat. Onder oorverdovend lawaai ploegen we ons een weg naar het zuiden. Stukken wasbord op volle snelheid, rammelend en stuiterend afremmen voor een gat of een steen, om weer langzaam de snelheid op te voeren richting het volgende obstakel.

Het is een intensief spel van kat en muis met de weg, dat zijn tol eist van de auto’s en onszelf. Uitgeput en onder het stof bereiken we in twee dagen Isiolo. De schade: twee gebroken schokdempers en een gescheurde brandstofleiding op de Defender, één gebroken bladveer en een gat in de radiator bij de Patrol – een middagje in een Afrikaanse werkplaats, wat creatief lassen en alles zit weer op zijn plek.

De winst: een onvergetelijke ervaring, en twee van de mooiste dagen van de reis.

You may also like

Leave a Comment